Bel 033 4602302 of mail naar info@spigt.nl

Burgerlijk procesrecht

  1. Misbruik van procesrecht. Volledige proceskostenvergoeding.
  2. Eisers verzuimen advocaat te stellen nadat de kantonrechter de zaak naar de civiele kamer van de rechtbank heeft verwezen. Artikel 123 lid 2 Rv is niet van toepassing, omdat deze bepaling ziet op de in de praktijk uitzonderlijke situatie dat eiser in een advocaatzaak bij dagvaarding verzuimt advocaat te stellen en dit verzuim niet herstelt. De zaak wordt op grond van artikel 71 Rv verder behand...
  3. Procesrecht. Niet-ontvankelijk hoger beroep tegen vonnis van de kantonrechter houdende afwijzing van een vordering onder de appelgrens van artikel 332 lid 1 Rv. Geen doorbreking van appelverbod. Voor schending van fundamentele rechtsbeginselen staat op de voet van artikel 80 lid 1 RO cassatie open.
  4. Informatieverzoek van deurwaarder aan een derde op grond van artikel 475g lid 3 Rv. Aansprakelijkheid op grond van onrechtmatige daad. Mag de derde een (gedeeltelijk) afschrift van de executoriale titel verlangen?
  5. Bevoegdheidsincident. Forumkeuzebeding voor de Nederlandse rechter in de algemene voorwaarden van een Nederlandse leverancier van bloemen en planten aan een partnership naar Engels recht gevestigd in het Verenigd Koninkrijk. Is sprake van een geldige forumkeuze als bedoeld in artikel 25 lid 1 sub a of b Brussel I-bis Vo? Zijn de partners van de partnership gebonden aan de forumkeuze? Tussenvonnis.
  6. zekerheidstelling ex artikel 235 Rv
  7. Wrakingszaak.
  8. Wrakingszaak.
  9. Deelgeschil. Verzoeker niet-ontvankelijk: partijen hebben al een regeling.
  10. Kort geding, internationale bevoegdheid, art. 7 lid 1 sub b Brussel I- bis-Vo. Voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd omdat niet aannemelijk is dat de overeengekomen diensten hoofdzakelijk in Nederland werden uitgevoerd.
  11. Onrechtmatige daad. Insolventierecht. Procesrecht. Te hanteren aansprakelijkheidsmaatstaf selectieve betaling door (middellijk) bestuurders aan niet-gelieerde schuldeiser in zicht zelf aangevraagd faillissement. Samenhang met HR 12 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:576 (belastingkamer). Stelplicht; passeren bewijsaanbod; relevantie beweerdelijke afwendbaarheid faillissement en keuze van curator pauli...
  12. Arbeidsrecht. Procesrecht. Heeft werkgever zorgplicht ex art. 7:658 BW geschonden jegens werknemer aan wie arbeidsongeval met heftruck is overkomen? Klachten werkgever over maatstaf zorgplicht en verwijzing naar schadestaat.
  13. Kanton. Heeft gedaagde als hulpverlener de zorg voor/begeleiding van eiseres uitgevoerd op een wijze die in de gegeven omstandigheden van een redelijk bekwaam en redelijk handelend hulpverlener mag worden verwacht?
  14. Procesrecht. Tussenkomst. Huurgeschil. Partijen die tussenkomen, worden partijen in het geding. Zij zijn bevoegd beroep in cassatie in te stellen. De rechter is in beginsel vrij de volgorde te bepalen waarin hij conventionele en reconventionele vorderingen zal behandelen. Verschillende klachten over de ontbinding van een huurovereenkomst.
  15. Faillissementsrecht. Procesrecht. Ontslag van instantie (art. 27 lid 2 Fw) onder omstandigheden ook mogelijk t.a.v. onder toepassingsbereik art. 28 Fw vallende vorderingen? Schending hoor en wederhoor door ook grieven in conventie te behandelen, ofschoon na grieven alleen in reconventie is voortgeprocedeerd? Tweeconclusieregel.
  16. Wrakingszaak.
  17. Verschoningszaak.
  18. Uitleg “hoofdzakelijkheidscriterium” Verplichtstellingsbesluit conform cao-norm. Bepalend is of in de onderneming, gemeten naar de loonsom (en niet naar de omzet), in hoofdzaak werkzaamheden worden uitgeoefend behorend tot het wegvervoer.
  19. begrip consument; bevoegdheid Nederlandse rechter; bewijsopdracht.
  20. Financieel recht. Procesrecht. Belegger vordert schadevergoeding wegens zorgplichtschending, bank vordert in reconventie betaling debetsaldo. Uitleg grieven. Herstel of aanvulling arrest (31-32 Rv)? Samenhang met 18/01201.
  21. Verzekeringsrecht. Procesrecht. Beroep arbeidsongeschiktheidsverzekeraar op art. 7:941 lid 5 BW. Vordering tot terugbetaling van uitgekeerde bedragen wegens opzettelijke misleiding in twee instanties toegewezen. Klachten over uitleg, passeren van aanbod tot (leveren van) tegenbewijs, stelplicht verzekeraar en bewijswaardering.
  22. Hoger beroep van in eerste aanleg gevoegde partij, zonder (opnieuw) voeging in hoger beroep. Verweer gegrond op eigen recht treft geen doel, omdat de vordering van de wederpartij niet tegen de gevoegde partij was gericht. In hoger beroep voor deze partij geen plaats om voor het eerst een eigen vorderingsrecht gelden te maken (vgl. artikel 353 lid 1 Rv).
  23. 843a Rv, belastingdienst, exhibitieplicht
  24. Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Procesrecht. Door Nederlandse rechter uitgesproken echtscheiding tussen Pakistaanse man en vrouw. Zijn partijen in Pakistan met elkaar gehuwd? Valsheid Pakistaanse huwelijksakte?
  25. Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Procesrecht. Door Nederlandse rechter uitgesproken echtscheiding tussen Pakistaanse man en vrouw. Zijn partijen in Pakistan met elkaar gehuwd? Valsheid Pakistaanse huwelijksakte?
  26. Wet Bopz. Procesrecht. Voorwaardelijke machtiging. Enkelvoudig horen en meervoudig beslissen. HR 12 juli 2019, ECLI:NL:HR:2019:1202.
  27. Arbeidsrecht. Procesrecht. Vergoeding van studiekosten en verlenen van studiefaciliteiten. Enkelvoudige comparitie en meervoudig beslissen. HR 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3264 en 3259.
  28. Verstekverlening in cassatie. Regelgeving inzake digitaal procederen (KEI). Betekening van oproepingsbericht en procesinleiding na uiterste verschijndatum (art. 30a lid 3, onder c, Rv en art. 112 Rv). Aanzegging van nieuwe uiterste verschijndatum. Herstel van aanduiding van verweerder in cassatie.
  29. Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Procesrecht. Verwerving beleggingsproducten. Zorgplicht financieel adviseur. Klachtplicht; art. 6:89 BW. Maatstaf voor verwijzing naar schadestaatprocedure.
  30. Procesrecht. Herroeping beschikking i.v.m. gepleegd bedrog (art. 382, onder b, Rv). Cassatieberoep ingesteld na einduitspraak in het heropende geding. Ontvankelijkheid cassatieberoep voor zover gericht tegen de beslissing tot heropening van het geding. Uitleg art. 388 lid 2 Rv.
  31. Art. 81 lid 1 RO. Intellectuele eigendom. Octrooirecht. Procesrecht. Vordering tot verklaring voor recht van niet-inbreuk op een Europees octrooi voor staalplaat. Belang? Mocht het hof zijn oordeel mede baseren op Japanse octrooien, waarvan geen vertaling was overgelegd? Uitleg octrooi. Art. 69 EOV en Uitlegprotocol. Function-way-result-test. Toepassing HR 5 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:196 (...
  32. IPR. Procesrecht. Schorsing en hervatting van het geding na overlijden procespartij die onder tutela (curatele) was gesteld. Bewijskracht Spaanse authentieke akte van erfrecht. Bekrachtiging proceshandelingen van handelingsonbekwame door tutor: toepasselijk recht, vereiste van rechterlijke machtiging. Opheffing conservatoir beslag.
  33. Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Omvang rechtsstrijd na cassatie en verwijzing. Vervolg op HR 5 oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV6698 en HR 23 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2995.
  34. vordering schorsing tenuitvoerlegging art. 351 Rv; appellant is in hoger beroep gekomen van uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis; geïntimeerde vraagt op basis van dit vonnis faillissement appellant aan; maatstaf; misslag? belangenafweging.
  35. Ambtshalve toetsing door het hof of de kantonrechter in het verzetvonnis het verzet terecht ontvankelijk heeft geacht, aangezien verzettermijnen van openbare orde zijn.
  36. Onbevoegdheid hof o.g.v. artikel 2:336 lid 3 BW; verwijzing naar Ondernemingskamer hof Amsterdam.
  37. Procesrecht. Levert de grosse van een authentieke akte een executoriale titel op als bedoeld in art. 436 (oud) Rv?
  38. Alimentatie. Vordering tot uitvoerbaarverklaring bij lijfsdwang van beschikkingen uit 2015/2016. Recent is de te betalen bijdrage door de rechtbank fors verlaagd. Beroep strandt reeds daarop dat de vrouw haar vordering tot nakoming niet stoelt op die thans vigerende beschikking. Volgt ten overvloede nog een inhoudelijk oordeel: geen aanleiding voor lijfsdwang.
  39. Rechtsvordering: termijn incidenteel appel tegen de echtscheiding; huurrecht echtelijke woning na echtscheiding
  40. Wrakingszaak.
  41. Wrakingszaak.
  42. Procesrecht. Wet Bopz. Toetsing na cassatie en verwijzing van verzoek om machtiging: ex tunc of ex nunc? Kan machtiging ook worden verleend na verstrijken geldigheidsduur? Enkelvoudig horen en meervoudig beslissen: toepasselijkheid regels HR 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3264 en 3259. Bijstelling van HR 9 december 1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC1580. Mogelijkheid om ter zitting afstand te doen van...
  43. Art. 806 lid 1 Rv; ontvankelijkheid in hoger beroep, niet verschenen belanghebbende; Art. 1:444 BW; bewindvoerder aansprakelijk voor door de rechthebbende geleden schade.
  44. Procesrecht. Tussenkomst. Huurgeschil. Partijen die tussenkomen, worden partijen in het geding. Zij zijn bevoegd beroep in cassatie in te stellen. De rechter is in beginsel vrij de volgorde te bepalen waarin hij conventionele en reconventionele vorderingen zal behandelen. Verschillende klachten over de ontbinding van een huurovereenkomst.
  45. Art. 186 Rv, 187 lid 2 Rv en 73 Rv. Verzoek voorlopig getuigenverhoor. Zaak deels verwezen naar hof in verband met hoger beroep. Voor het overige afgewezen. Procedure in eerste aanleg bevindt zich in staat van wijzen.
  46. Einde samenleving. Overeenkomst van geldlening of niet. Onderhandse akte. art. 159 Rv. Betwisting van de ondertekening. Geen bewijsaanbod gedaan. Niet vast is komen te staan dat een overeenkomst van geldlening is gesloten.
  47. Familierecht. Verhuizing/hoofdverblijfplaats. Verhouding kort geding ex art. 254 Rv en voorlopige voorzieningen op de voet van art. 821 ev. Rv. Spoedeisend belang.
  48. nietig herstelexploot
  49. Wrakingsverzoek afgewezen. Opmerking van de rechter ter comparitie dat hij het op prijs zou stellen als de zaak vóór zijn pensionering zou zijn afgerond. De beslissing om partijen geen nadere akte of conclusie te laten nemen en om vonnis te bepalen is een procesbeslissing, die niet zonder meer wijst op vooringenomenheid. Zo bij de rechter al sprake zou zijn van een gebrekkige dossierkennis, vor...
  50. Verzoek niet-ontvankelijk omdat dit is ingediend na het einde van de procedure op 14 december 2004 en de rechter de zaak niet meer behandelde op het moment dat het verzoek tot wraking is gedaan, op 9 april 2019.