Bel 033 4602302 of mail naar info@spigt.nl

Insolventierecht

  1. Verzoek ex artikel 383 Fw, akkoord valt binnen de reikwijdte van de WHOA, geen onredelijke benadeling Belastingdienst, homologatie onderhands akkoord
  2. Rechtbank laat schuldenares toe tot de wsnp en wijst het verzoek om verkorting van de looptijd van de wsnp ogv art. 349a lid 1 Fw af. Niet gebleken is dat schuldenares tijdens het minnelijk traject heeft geleefd alsof zij in de wsnp zat. Schuldenares heeft in die periode namelijk niet gewerkt en ook niet gesolliciteerd. Zij stelt niet te kunnen werken, maar dat is niet met recente medische stuk...
  3. Verzoek dwangakkoord wordt afgewezen. Weigerende schuldeiser heeft grootste vordering die 56,65 % van de totale schuldenlast van schuldenares vertegenwoordigt. Weegt zwaar mee. Aanbod is gedaan op basis van een saneringskrediet. De rechtbank acht niet uitgesloten dat schuldenares betaald werk kan krijgen zodat mogelijk meer gespaard kan worden. Het staat daarom niet vast dat het maximum haalba...
  4. Schuldenaar verzoekt om toelating tot de wsnp en om de looptijd van de wsnp met 18 maanden te verkorten. De rechtbank laat schuldenaar toe tot de wsnp en wijst het verzoek om verkorting gedeeltelijk toe, waarbij de looptijd van de wsnp op zes maanden wordt bepaald, De rechtbank acht genoegzaam aannemelijk dat schuldenaar tijdens het minnelijk traject niet is...
  5. Op grond van art. 349a lid 1 Fw heeft de rechtbank de looptijd van de wsnp bij toelating vastgesteld op 36 maanden, omdat de (restant hypotheek-) schuld, waarvoor schuldenares en haar ex-partner hoofdelijk aansprakelijk waren, daartoe aanleiding geeft. De rechtbank compenseert hiermee de omstandigheid dat niet is komen vast te staan dat schuldenares zich de gehele periode van 3 jaar vóór indie...
  6. Afwijzing dwangakkoord. Aanbod is niet het maximaal haalbare. Weigering van verweerster met een vordering van ruim 97% van de totale schuldenlast is niet onredelijk.
  7. Moratorium toegewezen voor zes maanden. Verzoeker heeft – door de woonkostentoeslag – voldoende inkomen om de huur maandelijks te voldoen. Verzoeker heeft de huur van maart (weliswaar te laat), april en mei 2024 betaald. Daarnaast staat verzoeker sinds 28 februari 2024 onder beschermingsbewind, waardoor voldoende is gewaarborgd dat de huur ook tijdig zal worden voldaan.
  8. Dwangakkoord toewijzen. Saneringskrediet. Aanbod maximaal haalbare. Geen hoger inkomen aankomende jaren. Gunstiger resultaat voor schuldeisers dan de WSNP.
  9. Moratorium. Voorlopige voorziening toewijzen voor zes maanden. Sprake van beschermingsbewind. Inkomsten uit een PW-uitkering. Voldoende aannemelijk dat de lopende huurtermijnen kunnen en zullen worden voldaan.
  10. Dwangakkoord toewijzen. Saneringskrediet. Het voorstel is het uiterste waartoe verzoekster in staat moet worden geacht. Verzoekster heeft medische klachten en ontvangt een PW-uitkering.
  11. Dwangakkoord toewijzen. Saneringskrediet. Voldoende aannemelijk is geworden dat verzoekster in de komende periode geen inkomen zal kunnen verwerven dat zal leiden tot een hogere uitkering aan de schuldeisers.
  12. Moratorium. Voorlopige voorziening toewijzen voor drie maanden. Afwijking van de verzochte termijn van zes maanden. Sprake van beschermingsbewind. Voldoende aannemelijk dat de lopende termijnen kunnen en zullen worden voldaan.
  13. Afwijzing WSNP. Onvoldoende duidelijk of alle vermogensbestandsdelen bekend zijn en of verzoeker zijn verplichtingen in de WSNP naar behoren zal nakomen.
  14. Afwijzing dwangakkoord. Weigering is niet onredelijk. Voor de verstrekte lening is een borg gesteld. Deze borgstelling vervalt, op grond van artikel 6:160 lid 1 BW, als verweerster instemt met het akkoord. Het belang van verzoekster wordt door de weigering niet onredelijk geschaad.
  15. WHOA. Toewijzing verzoek verlenging afkoelingsperiode.
  16. Wrakingszaak. Verzoekster niet-ontvankelijk; geen sprake van een procedure waarin de rechter een beslissing neemt in een te berechten geschil. Verzoekster dient alleen inzicht te geven in de rekening en verantwoording die zij heeft afgelegd, zodat de rechter kan beoordelen of verzoekster haar taak als bewindvoerder goed vervult en dat valt buiten het bereik van het bepaalde in artikel 36 Rv – d...
  17. Toelating tot de WSNP. Verzoek eerdere ingangsdatum afgewezen. Tijdens het minnelijk traject is niet voldaan aan de inspanningsplicht/sollicitatieplicht. De opstelling van de Belastingdienst in het minnelijk traject (nulaanbod) doet hier niet aan af.
  18. Moratorium toegewezen voor zes maanden. De huur van april (weliswaar te laat) en mei 2024 zijn betaald. Daarnaast staat verzoekster onder beschermingsbewind, waardoor voldoende is gewaarborgd dat de lopende termijnen tijdig zullen worden betaald.
  19. Moratorium toegewezen voor zes maanden. Verweerster geen bezwaar tegen toewijzing verzoek. De huur van januari, februari, maart, april en mei 2024 is tijdig betaald. Daarnaast is er een spoedaanvraag gedaan voor beschermingsbewind, waardoor voldoende wordt gewaarborgd dat de lopende huurtermijnen ook tijdig zullen worden betaald.
  20. Moratorium toegewezen voor zes maanden. De huur van januari, februari (weliswaar te laat) en mei 2024 zijn betaald. Daarnaast staat verzoekster sinds 24 april 2024 onder budgetbeheer, waardoor voldoende aannemelijk is dat de lopende huurtermijnen tijdig zullen worden voldaan.
  21. Afwijzend vonnis toepassing schuldsanering. Rechtsmacht Nederlandse rechter krachtens Verordening (EU) 2015/848 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 20 mei 2015 betreffende insolventieprocedures (herschikking) (IVO II). Erkenning van vonnis in andere lidstaten (hier: Polen) op grond van artikel 7 IVO II, het centrum van de voornaamste belangen ligt in Nederland.
  22. Toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling met eerdere ingangsdatum.
  23. Voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 287b lid 1 van de Faillissementswet (Fw) afgewezen, verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeleing niet ontvankelijk verklaard. Er is niet gebleken dat er een begin is gemaakt met het minnelijk schuldsaneringstraject, het is niet aannemelijk dat hiermee op zeer korte termijn zal worden begonnen.
  24. Verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling niet ontvankelijk geen minnelijk aanbod aan schuldeisers gedaan.
  25. voorlopige voorziening ex artikel 287b Faillissementswet: toewijzing
  26. voorlopige voorziening ex artikel 287 lid 4 Faillissementswet
  27. toewijzing voorlopige voorziening ex artikel 287b Fw
  28. Toewijzing verzoek dwangakkoord artikel 287a Fw, waarbij wordt benoemd de moeilijke positie van (met name) MKB-schuldeisers die in toenemende mate moeten afschrijven op hun debiteurenportefeuille.
  29. WHOA. Verzoeksters zijn niet-ontvankelijk in hun homologatieverzoeken. Instemmende schuldeiser is geen klasse als bedoeld in artikel 383 lid 1 Fw.
  30. WHOA. Verzoek afkoelingsperiode ex artikel 376 Fw toegewezen. Verzoek opheffing beslag afgewezen.
  31. Eindarrest. Artikel 288 Fw. Bekrachtiging afwijzing verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling. Het is niet aannemelijk geworden dat verzoeker te goeder trouw is ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van zijn schulden en dat verzoeker de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen naar behoren zal nakomen.
  32. 287a lid 5 Fw, 288 Fw, toelating wettelijke schuldsanering, hardheidsclausule, bevel in te stemmen met schuldregeling.
  33. WSNP toegewezen. Goede trouw. Hardheidsclausule. Verzoek eerdere ingangsdatum afgewezen.
  34. Dwangakkoord toegewezen. Prognose akkoord. PW-uitkering. Verzoekster werkt 4 uur per week en solliciteert aanvullend. Verzoekster in budgetbeheer.
  35. Art. 81 lid 1 RO. Insolventierecht. Faillissementsrecht. Faillissementspauliana. Art. 42 Fw. Samenstel van rechtshandelingen? Zijn schuldeisers door geldlening benadeeld?
  36. WHOA; afkondigen afkoelingsperiode
  37. WHOA; verlenging afkoelingsperiode
  38. Afwijzing dwangakkoord; aanbod niet het hoogst haalbare. Afwijzing schuldsaneringsregeling; schulden kunnen binnen een redelijke termijn voldaan worden.
  39. WSNP verzoek afgewezen. Minnelijk traject niet naar behoren gelopen. Schuldhulpverlening beëindigd wegens onjuiste bejegening. Verzoeker wenst geen beschermingsbewind.
  40. WSNP Toegewezen. Verzoek eerdere ingangsdatum afgewezen.
  41. WSNP Toegewezen. Goede trouw. Schuld uit misdrijf.
  42. WSNP toegewezen. Goede trouw toets. Gokverslaving. Verzoekster heeft forse afloscapaciteit. Verzoekster onder beschermingsbewind. Verzoekster heeft zich laten inschrijven in het Centraal Register Uitsluiting Kansspelen.
  43. Toewijzen dwangakkoord
  44. WHOA; openbare procedure; verhoogd voorschot herstructureringsdeskundige.
  45. WHOA; openbare procedure; vaststellen budget herstructureringsdeskundige.
  46. WHOA; openbare procedure; voorschot herstructureringsdeskundige.
  47. Faillissement; beschikking r-c tot goedkeuring vaststellingsovereenkomst (art. 104 Fw); gefailleerde ontvankelijk in hoger beroep?; ‘partij’ ex art. 67 Fw; toepasselijkheid uitzondering HR 12 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:859.
  48. toewijzing dwangakkoord
  49. tussentijdse beëindiging van de wettelijke schuldsaneringsregeling
  50. Afwijzing gedwongen schuldregeling