Bel 033 4602302 of mail naar info@spigt.nl

Burgerlijk procesrecht

  1. Vordering waarbij medewerking wordt gevraagd aan het verlijden van een notariële akte van verdeling. Spoedeisend belang inmiddels vervallen nu de gevorderde medewerking inmiddels heeft plaatsgehad.
  2. Erfrecht. Vraag of erflater een auto voor overlijden aan zijn partner heeft geschonken dan wel sprake is van een schenking des doods (artikel 7:177 BW), waarvoor een notariële akte vereist is, welke in dit geval ontbreekt. Bewijslevering en bewijswaardering. Hof: er is sprake van een gift bij leven.
  3. Art. 223 Rv. Incident opheffing beslag. Geen sprake van ondeugdelijkheid van de vordering of onnodig gelegd beslag. Belang van de curator bij behoud van het beslag moet prevaleren boven het belang van eisers in het incident. Afwijzing.
  4. Eiseres heeft de vordering aanvankelijk in eigen naam ingesteld, als ware zij de eigenaar van die vordering. Die vordering behoort echter aan een ander. Vast staat dat eiseres in ieder geval op dit moment op grond van lastgeving door de rechthebbende gerechtigd is om de vordering op gedaagde in eigen naam te incasseren in deze procedure. Dat is genoeg. Als eiseres opnieuw een dagvaarding uit zo...
  5. Wrakingsverzoek afgewezen. Taak van de rechter op een comparitie. Uitspreken van een voorlopig voordeel. Gebruik van het woord ‘essentieel’ in de zin ‘voor toewijzing van de vordering essentieel is dat er een koopovereenkomst tot stand is gekomen, die voor partijen uitvoerbaar is’. Vast staat en voor verzoekster moet duidelijk zijn geweest dat die woorden door de rechter werden geuit in het kad...
  6. Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk met bepaling dat een volgend wrakingsverzoek niet in behandeling wordt genomen. Het verzoek is niet gedaan zodra de feiten en omstandigheden waarop het verzoek is gegrond aan verzoeker bekend zijn geworden. De gewraakte gedragingen van de rechter zijn aan verzoeker bekend geworden kort na 23 juli 2019, terwijl het verzoek tot wraking eerst is ingediend op 16 au...
  7. Wrakingsverzoek afgewezen wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid. Uit het proces-verbaal blijkt dat de rechter ter zitting van 13 juni 2019 de in die zaak betrokken personen – waaronder verzoekers – heeft gehoord, zoals door de rechtbank was bepaald in de beschikking van 6 juni 2019. Aan het slot van die behandeling heeft de rechter meegedeeld dat zij de mondelinge behandeling van de zaak slui...
  8. Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk. Verzoek tot verwijzing naar andere rechtbank afgewezen. Verzoek tot aanhouding ten behoeve van nadere onderbouwing van wrakingsverzoek afgewezen. De gronden van het verzoek zijn te veelomvattend en te weinig concreet om als wrakingsgronden te kunnen dienen. Hetgeen verzoekster ter gelegenheid van de behandeling van het wrakingsverzoek (aanvullend) aan het verz...
  9. Wrakingsverzoek afgewezen. Uit de volgens verzoekers gedane – en door de rechter betwiste – uitspraak over het kantoor van de advocaat van verzoekers kan geen vooringenomenheid worden afgeleid. Taak van de rechter bij een comparitie van partijen. Geen concrete aanknopingspunten voor de stelling dat de rechter buiten de rechtsstrijd is getreden of met gedaagde heeft mee geprocedeerd. Niet geble...
  10. - De motivering van het beoogde verzoek tot wraking van de wrakingskamer ontbreekt. Het voldoet derhalve niet aan de eisen die de wet daaraan stelt. Het valt daarom niet te beschouwen als een wraking in de zin van de wet. Het beoogde verzoek tot wraking van de wrakingskamer wordt daarom niet voorgelegd aan een (andere) wrakingskamer en wordt verder buiten behandeling gelaten. - De (impliciet)...
  11. Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk. In de verzoekschriftprocedure waarin verzoekster de kinderrechter wraakt is procesvertegenwoordiging verplicht. Het door verzoekster ingediende wrakingsverzoek is niet (mede) ondertekend door een advocaat. Verzoekster is vanaf 2juli 2019 op de hoogte van dit verzuim en in de gelegenheid gesteld om dit verzuim te herstellen. Van deze gelegenheid is geen gebruik...
  12. Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk vzv dit rust op nadere gronden aangevoerd ter zitting van de wrakingskamer. Wrakingsverzoek voor het overige afgewezen. Uit het proces-verbaal van de zitting volgt dat de rechter beide partijen over en weer in de gelegenheid heeft gesteld hun standpunt naar voren te brengen en toe te lichten en te reageren op elkaars standpunten. Geen aanwijzing voor (schijn va...
  13. Wrakingsverzoek afgewezen wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid. Bij uitspraak van 12 juli 2019 heeft de rechter in de zaak van verzoeker een eindbeslissing gegeven. Het wrakingsverzoek is op 17 juli 2019 en derhalve na voormelde uitspraak ingediend. De rechter behandelde de zaak niet meer op het moment dat het verzoek tot wraking is gedaan.
  14. Wrakingsverzoek afgewezen. Alleen de feiten en omstandigheden die zich op de zitting hebben voorgedaan worden door de wrakingskamer bij zijn oordeel betrokken, waarbij wordt uitgegaan van hetgeen daarover is weergegeven in het proces-verbaal. Verzoekster gaat ervan uit dat de rechters haar verzoek om aanhouding reeds ter zitting hebben afgewezen, maar die conclusie is prematuur en het wrakingsv...
  15. Wrakingsverzoek afgewezen wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid. Verzoeker legt aan dit tweede wrakings-verzoek ten grondslag feiten en omstandigheden die hem bekend waren ten tijde van zijn eerste wrakingsverzoek.
  16. Wrakingsverzoek afgewezen. De door de rechter ter zitting genomen en uitgesproken beslissingen – een tussenbeslissing en een deels inhoudelijke/deels tussenbeslissing – leveren geen grond op voor wraking. Noch uit (de begrijpelijkheid) van de beslissingen, noch uit de motivering daarvan, blijkt dat de rechter vooringenomen is. De rechter voert bij de mondelinge behandeling van de zaak de regie....
  17. Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk voor zover het berust op de bejegening van verzoeker ter zitting van 11 juli 2019 als zelfstandige wrakingsgrond, omdat dit verzoek niet tijdig is gedaan. Wrakingsverzoek voor het overige afgewezen. De toezending van de aantekeningen van het mondeling verweer van een gedaagde aan en eiser is een standaard werkwijze in een civiele procedure bij de kantonrechter.
  18. Wrakingsverzoek afgewezen wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid. Op 24 juni 2019 heeft de rechter een eindbeslissing gegeven ten aanzien van het verzoek tot het verlenen van verlof voor het leggen van beslag op een onroerende zaak van verzoeker. Het wrakingsverzoek is op 16 augustus 2019 en derhalve na voormelde beslissing ingediend. De rechter behandelde de zaak niet meer op het moment dat h...
  19. Misbruik van procesrecht. Volledige proceskostenvergoeding.
  20. Eisers verzuimen advocaat te stellen nadat de kantonrechter de zaak naar de civiele kamer van de rechtbank heeft verwezen. Artikel 123 lid 2 Rv is niet van toepassing, omdat deze bepaling ziet op de in de praktijk uitzonderlijke situatie dat eiser in een advocaatzaak bij dagvaarding verzuimt advocaat te stellen en dit verzuim niet herstelt. De zaak wordt op grond van artikel 71 Rv verder behand...
  21. Procesrecht. Niet-ontvankelijk hoger beroep tegen vonnis van de kantonrechter houdende afwijzing van een vordering onder de appelgrens van artikel 332 lid 1 Rv. Geen doorbreking van appelverbod. Voor schending van fundamentele rechtsbeginselen staat op de voet van artikel 80 lid 1 RO cassatie open.
  22. Informatieverzoek van deurwaarder aan een derde op grond van artikel 475g lid 3 Rv. Aansprakelijkheid op grond van onrechtmatige daad. Mag de derde een (gedeeltelijk) afschrift van de executoriale titel verlangen?
  23. Bevoegdheidsincident. Forumkeuzebeding voor de Nederlandse rechter in de algemene voorwaarden van een Nederlandse leverancier van bloemen en planten aan een partnership naar Engels recht gevestigd in het Verenigd Koninkrijk. Is sprake van een geldige forumkeuze als bedoeld in artikel 25 lid 1 sub a of b Brussel I-bis Vo? Zijn de partners van de partnership gebonden aan de forumkeuze? Tussenvonnis.
  24. zekerheidstelling ex artikel 235 Rv
  25. Wrakingszaak.
  26. Wrakingszaak.
  27. Deelgeschil. Verzoeker niet-ontvankelijk: partijen hebben al een regeling.
  28. Kort geding, internationale bevoegdheid, art. 7 lid 1 sub b Brussel I- bis-Vo. Voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd omdat niet aannemelijk is dat de overeengekomen diensten hoofdzakelijk in Nederland werden uitgevoerd.
  29. Onrechtmatige daad. Insolventierecht. Procesrecht. Te hanteren aansprakelijkheidsmaatstaf selectieve betaling door (middellijk) bestuurders aan niet-gelieerde schuldeiser in zicht zelf aangevraagd faillissement. Samenhang met HR 12 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:576 (belastingkamer). Stelplicht; passeren bewijsaanbod; relevantie beweerdelijke afwendbaarheid faillissement en keuze van curator pauli...
  30. Arbeidsrecht. Procesrecht. Heeft werkgever zorgplicht ex art. 7:658 BW geschonden jegens werknemer aan wie arbeidsongeval met heftruck is overkomen? Klachten werkgever over maatstaf zorgplicht en verwijzing naar schadestaat.
  31. Kanton. Heeft gedaagde als hulpverlener de zorg voor/begeleiding van eiseres uitgevoerd op een wijze die in de gegeven omstandigheden van een redelijk bekwaam en redelijk handelend hulpverlener mag worden verwacht?
  32. Procesrecht. Tussenkomst. Huurgeschil. Partijen die tussenkomen, worden partijen in het geding. Zij zijn bevoegd beroep in cassatie in te stellen. De rechter is in beginsel vrij de volgorde te bepalen waarin hij conventionele en reconventionele vorderingen zal behandelen. Verschillende klachten over de ontbinding van een huurovereenkomst.
  33. Faillissementsrecht. Procesrecht. Ontslag van instantie (art. 27 lid 2 Fw) onder omstandigheden ook mogelijk t.a.v. onder toepassingsbereik art. 28 Fw vallende vorderingen? Schending hoor en wederhoor door ook grieven in conventie te behandelen, ofschoon na grieven alleen in reconventie is voortgeprocedeerd? Tweeconclusieregel.
  34. Wrakingszaak.
  35. Verschoningszaak.
  36. Uitleg “hoofdzakelijkheidscriterium” Verplichtstellingsbesluit conform cao-norm. Bepalend is of in de onderneming, gemeten naar de loonsom (en niet naar de omzet), in hoofdzaak werkzaamheden worden uitgeoefend behorend tot het wegvervoer.
  37. begrip consument; bevoegdheid Nederlandse rechter; bewijsopdracht.
  38. Financieel recht. Procesrecht. Belegger vordert schadevergoeding wegens zorgplichtschending, bank vordert in reconventie betaling debetsaldo. Uitleg grieven. Herstel of aanvulling arrest (31-32 Rv)? Samenhang met 18/01201.
  39. Verzekeringsrecht. Procesrecht. Beroep arbeidsongeschiktheidsverzekeraar op art. 7:941 lid 5 BW. Vordering tot terugbetaling van uitgekeerde bedragen wegens opzettelijke misleiding in twee instanties toegewezen. Klachten over uitleg, passeren van aanbod tot (leveren van) tegenbewijs, stelplicht verzekeraar en bewijswaardering.
  40. Hoger beroep van in eerste aanleg gevoegde partij, zonder (opnieuw) voeging in hoger beroep. Verweer gegrond op eigen recht treft geen doel, omdat de vordering van de wederpartij niet tegen de gevoegde partij was gericht. In hoger beroep voor deze partij geen plaats om voor het eerst een eigen vorderingsrecht gelden te maken (vgl. artikel 353 lid 1 Rv).
  41. 843a Rv, belastingdienst, exhibitieplicht
  42. Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Procesrecht. Door Nederlandse rechter uitgesproken echtscheiding tussen Pakistaanse man en vrouw. Zijn partijen in Pakistan met elkaar gehuwd? Valsheid Pakistaanse huwelijksakte?
  43. Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Procesrecht. Door Nederlandse rechter uitgesproken echtscheiding tussen Pakistaanse man en vrouw. Zijn partijen in Pakistan met elkaar gehuwd? Valsheid Pakistaanse huwelijksakte?
  44. Wet Bopz. Procesrecht. Voorwaardelijke machtiging. Enkelvoudig horen en meervoudig beslissen. HR 12 juli 2019, ECLI:NL:HR:2019:1202.
  45. Arbeidsrecht. Procesrecht. Vergoeding van studiekosten en verlenen van studiefaciliteiten. Enkelvoudige comparitie en meervoudig beslissen. HR 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3264 en 3259.
  46. Verstekverlening in cassatie. Regelgeving inzake digitaal procederen (KEI). Betekening van oproepingsbericht en procesinleiding na uiterste verschijndatum (art. 30a lid 3, onder c, Rv en art. 112 Rv). Aanzegging van nieuwe uiterste verschijndatum. Herstel van aanduiding van verweerder in cassatie.
  47. Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Procesrecht. Verwerving beleggingsproducten. Zorgplicht financieel adviseur. Klachtplicht; art. 6:89 BW. Maatstaf voor verwijzing naar schadestaatprocedure.
  48. Procesrecht. Herroeping beschikking i.v.m. gepleegd bedrog (art. 382, onder b, Rv). Cassatieberoep ingesteld na einduitspraak in het heropende geding. Ontvankelijkheid cassatieberoep voor zover gericht tegen de beslissing tot heropening van het geding. Uitleg art. 388 lid 2 Rv.
  49. Art. 81 lid 1 RO. Intellectuele eigendom. Octrooirecht. Procesrecht. Vordering tot verklaring voor recht van niet-inbreuk op een Europees octrooi voor staalplaat. Belang? Mocht het hof zijn oordeel mede baseren op Japanse octrooien, waarvan geen vertaling was overgelegd? Uitleg octrooi. Art. 69 EOV en Uitlegprotocol. Function-way-result-test. Toepassing HR 5 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:196 (...
  50. IPR. Procesrecht. Schorsing en hervatting van het geding na overlijden procespartij die onder tutela (curatele) was gesteld. Bewijskracht Spaanse authentieke akte van erfrecht. Bekrachtiging proceshandelingen van handelingsonbekwame door tutor: toepasselijk recht, vereiste van rechterlijke machtiging. Opheffing conservatoir beslag.